top of page
  • Foto van schrijverJoop Soesan

'Pesach/Pasen 2023' - een column van Simon Soesan



Onze dochter, met man en drie kleinzoons, logeren bij ons voor de feestdagen. Samen met de andere kleinkinderen zaten we afgelopen week om de seider-tafel, waar we jaarlijks uit onze Hagada het verhaal over de uittocht uit Egypte voorlezen.


Een traditie die gepaard gaat met liedjes, die bij het feest een voorlezen horen. Een principe in ons Jodendom is het “mi dor le dor” – van generatie naar generatie. De Hagada zegt ons “ve hagadeta lebaneecha” – en je vertelt het aan je kinderen.


Dit jaar verrasten de vier grote jongens (8 – 12 jaar oud) die simpelweg eisten voor te lezen uit dit boek. Voor iemand die 50 jaar geleden naar Israel kwam om een gezin te stichten is dat een heel emotionele ervaring, daar de scepter letterlijk overging naar de volgende generatie.

Slecht enkele dagen later moest ik de logerende gasten uitleggen waar de schuilkelder in ons gebouw is: onze vijandige buren besloten raketten op ons af te schieten, iets wat jaarlijks een traditie schijnt te worden, onder het mom dat wij de El Aksa Moskee op onze Tempelberg wilden vernietigen.


Even voor de duidelijkheid: wij vernietigen geen gebedshuizen en laten uitingen van religie vrij toe. Wat niet zo was toen Jordanië tussen 1948 en 1967 Oost-Jeruzalem en de West Bank bezetten. Toen vlogen 8 synagogen in de fik en die werden door de Jordaanse regering met de grond gelijkgemaakt, terwijl bezoeken aan de Klaagmuur verboden werden.


Gek genoeg werd er in die 19 jaar geen woord gerept over een bezetting van Palestina. Dat kwam pas nadat wij in 1967 een oorlog tegen 11 landen in zes dagen beëindigden met een overwinning.


Terug naar ons in Haifa, waar we getuigen werden van beschietingen uit Gaza en Libanon. Afgelopen nacht kwam daar raketten uit Syrië bij.


Leuk is anders. Ik moest de jongens (4, 6, en 8 jaar uit) zo rustig mogelijk uitleggen dat, in geval van luchtalarm, we vlot drie verdiepingen naar beneden moeten, naar de schuilkelder, die ik voor ze opendeed en uitlegde dat we daar water, elektriciteit en zelfs een wc hebben. De jochies keken me onzeker aan, daar ze gewend zijn aan grappen en grollen van hun opa en dit nou niet bepaald leuk was.


In mijn 50 jaar in Israel heb ik aardig wat meegemaakt: ik zag een zanderig land omgetoverd in een modern hi-tech land maar ook zag ik oorlogen, militaire acties en heb ik raketaanvallen op mijn stad Haifa meegemaakt. We hebben de exploderende bussen van de jaren negentig meegemaakt, waar zowel mijn zoon als dochters met mazzel aan ontsnapt zijn. Zo is het leven in dit land: onze buren mogen ons niet en de landen die meehielpen aan de Duitse “zuiveringen” in de jaren 1940-45 blijven hun antisemitisme openlijk tonen.


We leven in spannende tijden: de huidige regering, gebaseerd op ex-bajesklanten en religieuze fanatici, wordt geleid door een crimineel die terecht staat en in paniek alles zal doen om het gerechtshof lam te maken, om zo zijn straf te ontlopen. Niet dat deze regering stand zal houden: de verzameling gekken daar heeft geen lijm en iedereen verdenkt iedereen, vooral de premier wordt door niemand vertrouwd. Elke belofte aan zijn “natuurlijke partners” wordt bij advocaten ondertekent, hopende dat de leugenaar zich misschien een keer aan zijn woord zal houden.


Al 14 weken wordt er gedemonstreerd en, ongeacht wat de premier zegt, dit zal blijven doorgaan totdat niet alleen de dubieuze plannen, maar ook de gehele regering weg zijn.

Onze kleinzoon van 12 vroeg me waarom ik eigenlijk ooit uit Nederland naar Israel ging, waar het in zijn ogen nu een bende is. Normaliter vertel ik ze allemaal dat ik naar Israel ging omdat ik wist dat het mooiste meisje van het land mij in het leger opwachtte, maar ditmaal kwam ik er niet zo makkelijk van af. Hoe leg je een in Israel geboren kind uit hoe belangrijk een Joodse Staat voor ons Joden is? Dat de huidige verhitte openbare discussie en demonstraties een fase zijn waar we heus wel doorheen komen?


Pesach en Pasen 2023. We gaan deze week op bezoek bij onze Christelijke vrienden en ook zijn we uitgenodigd voor een iftar-maaltijd bij Moslim vrienden. Deze vrienden zijn zich bewust van mijn opinies en voelen zich Israëli, net als ik. We weten dat de mogelijke raketten geen verschil maken tussen een Joods, Moslim of Christenhuis. Dat hebben we in 1991 meegemaakt, toen Franse raketten uit Irak op onze stad vielen. Iedereen is bezorgd.


Toch gaan we vieren: binnenkort herdenken we de Duitse afslachting van ons volk. Een week later dodenherdenking die altijd abrupt overgaat naar onze onafhankelijkheidsdag. 75 bestaat ons landje: een doorn in het oog van sommige buren, een doorn in het oog van de VN en de EU, maar we zijn er nog. We leren wat democratie is en soms blijven we een jaartje zitten, waardoor we keer op keer naar de stembus moeten. Totdat we het juist krijgen, totdat het ons lukt een regering te krijgen die snapt dat ze voor ons, het volk, werken en niet omgekeerd. In sommige landen klaagt de bevolking over hun regering, zoals in Nederland. Maar hier, behalve klagen, gaan we de straten op en blijven de straten opgaan totdat het een keertje lukt.


Maar hoe gepassioneerd de discussie nu ook kan zijn, over een ding zijn we het eens: niemand gaat ons ooit nog vernietigen, niemand gaat ons ongestraft bedreigen en niemand kan nog Joden vermoorden en ermee wegkomen. Daarom bestaat dit land: een huis voor Joden, waar ook plaats is voor andere religies, maar waar niemand antisemiet mag zijn.

Mijn 12-jarige kleinzoon vertelde ik geen horror-verhalen over de Duitse afslachterij – hij weet er genoeg van. Ik legde hem uit dat in elk democratisch land de gemoederen kunnen oplaaien in een verhitte discussie, maar dat dan de overgrote meerderheid er niet aan denkt om dat land te verlaten.


Israel is geen hobby. Het is democratie voor gevorderden. En zoals ik al vele malen heb geopperd: ons volk is niet verdeeld in links of rechts, in seculier of religieus. Ons volk kent slechts twee groepen: de ene groep weet alles, de andere groep weet alles beter. Onze geschiedenis, zowel als onze toekomst, is al beschreven.


Daarom zijn we hier, daarom gaan we door en geven we nooit op.


“Zolang het hart klopt zal een Joodse ziel verlangen naar Zion”, staat in ons volkslied, dat niet bij toeval HaTikva, de hoop, heet. “Een vrij volk in ons land, het land van Zion en Jeruzalem”, eindigt het volkslied. Vrij om te demonstreren, vrij om keihard te schreeuwen waar je in gelooft.


Vrij om te leven.


Prettige Paasdagen, maakt u zich geen zorgen, ook deze periode komen we door.


861 weergaven7 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven
bottom of page