• Joop Soesan

Deel van stadsmuur van Jeruzalem ontdekt welke werd verwoest op de 9e dag van de maand Av


De muur zoals hij bestond rond Jeruzalem. Foto City of David


De Israel Antique Authority heeft een stuk van de muur rond Jeruzalem ontdekt die werd verwoest op de avond van de 9e dag van de maand Av in het jaar 586 vChr, de datum waarop Joden wereldwijd komende zondag 18 juli treuren om de verwoesting van de Tempel door de Babyloniers.


Volgens de onderzoekers verbindt deze vondst andere delen van de muur, die tientallen jaren geleden al werden blootgelegd, en is het bewijs dat de oostelijke helling van de Stad van David werd beschermd door een enkele indrukwekkende versterkingslinie.


Het gevonden deel van de muur rond Jeruzalem. Foto Koby Harati / City of David


In de buurt van de muur werden een aantal vondsten blootgelegd, zoals een Babylonisch zegel, een bulla (zegelafdruk) met een persoonlijke naam in oud Hebreeuws schrift en vaten die aan de vooravond van de vernietiging in gebruik waren.


Een stempelzegel met de naam "Tsafan" in oud Hebreeuws schrift. Foto Koby Harati / City of David


Volgens de directeuren van de opgraving, Dr. Filip Vukosavović van het Ancient Jerusalem Research Center en Dr. Joe Uziel en Ortal Chalaf namens de Israel Antiquities Authority: "beschermde de stadsmuur Jeruzalem tegen een aantal aanvallen tijdens het bewind van de koningen van Juda, tot de komst van de Babyloniërs die erin slaagden er doorheen te breken en de stad te veroveren. De overblijfselen van de ruïnes zijn te zien in de archeologische opgravingen. Echter, niet alles werd vernietigd, en delen van de muren, die er stonden en de stad tientallen jaren en meer beschermde, staan tot op de dag van vandaag overeind."


Het Babylonische stempelzegel. Foto: Koby Harati, / City of David


Het nieuwe gedeelte dat werd blootgelegd in het Nationale Park City of David, verbindt twee gedeelten die eerder op de oostelijke helling werden uitgegraven. In de jaren zestig ontdekte de Britse archeologe Kathleen Kenyon een deel van de muur op het noordelijke deel van de helling en dateerde het uit de tijd van het koninkrijk Juda. Ongeveer tien jaar later ontdekte archeoloog Yigal Shiloh een lang deel van de muur, bij opgravingen in het zuidelijke deel van de helling.


In de loop der jaren is beweerd dat ondanks de indrukwekkende aard van de overblijfselen, deze overblijfselen van steenstructuren niet als muurresten moeten worden gezien. Met de onthulling van dit nieuwe gedeelte dat verband houdt met deze ontdekkingen uit het verleden, lijkt het erop dat het debat is beslecht en dat dit onmiskenbaar de oostelijke muur van het oude Jeruzalem was.


Kruikgreep met opdruk van rosetta. Foto Koby Harati / City of David


Reconstructie van de secties die tijdens eerdere opgravingen in het begin van de 20e eeuw zijn ontmanteld, maakt het mogelijk om nog eens bijna 30 meter van de overgebleven muur te traceren tot een hoogte van 2,5 meter en een breedte tot 5 meter. In het boek 2 Koningen, 25:10, staat een beschrijving van de verovering van de stad door de Babyloniërs: "Tegen de negende dag [van de vierde maand] was de hongersnood in de stad acuut geworden; er was geen eten meer voor het gewone volk. Toen werd [de muur van] de stad doorbroken. (…) Op de zevende dag van de vijfde maand - dat was het negentiende jaar van koning Nebukadnezar van Babylon - kwam Nebuzaradan, het hoofd van de wacht, een officier van de koning van Babylon, naar Jeruzalem. Hij verbrandde het huis van de HEER, het paleis van de koning en alle huizen van Jeruzalem; hij heeft het huis van elke belangrijke persoon platgebrand".


Het lijkt er echter op dat de Babyloniërs de oostelijke muur niet hebben vernietigd, mogelijk als gevolg van de scherpe steilheid van de oostelijke helling van de Stad van David, die in een hoek van meer dan 30 graden naar de Kidron-vallei afloopt. Ze slaagden er echter in de stad en de tempel te vernietigen en Joden in ballingschap te trekken, vergelijkbaar met wat ongeveer 500 jaar later zou gebeuren door de Romeinen.


En het was weer de 9e van Av – die dit jaar op zondag 18 juli valt.


De vondsten van de vernieling zijn te zien in het gebouw dat naast de muur stond en bloot kwam te liggen tijdens de vorige opgravingen: in het gebouw werden rijen voorraadpotten ontdekt, die werden vernield toen het gebouw afbrandde en instortte.


Een handvat van een pot met het opschrift "For the King." Foto: Yaniv Berman / IAA


De potten dragen "rozetten" gestempelde handvatten, in de vorm van een roos, geassocieerd met de laatste jaren van het Koninkrijk Juda. Bij de muur werd een Babylonisch stempelzegel van steen onthuld, waarop een figuur staat afgebeeld die voor symbolen van de twee Babylonische goden Marduk en Nabu staat. Niet ver daarvandaan werd een bulla (een zegelafdruk gemaakt in klei) gevonden met een Judese persoonlijke naam "Tsafan".

































469 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven