top of page
  • Foto van schrijverJoop Soesan

Toespraak van rabbijn Yanki Jacobs bij herdenkingsceremonie in het Apeldoornsche Bosch

Foto Rob Voss


Gehele toespraak van rabbijn Yanki Jacobs bij de herdenkingsceremonie in het Apeldoornsche Bos 22 januari 2024.


Ze waanden zich veilig, te midden van een prachtig natuurgebied, omringd door geliefden, door mensen die hen apprecieerden, hen als mens zagen, in hun waarde lieten. Ze waren beschermd.


Tot op een dag duizend-driehonderd mensen vermoord werden... Beste mensen, ik heb het niet over de verschrikkelijke aanslag van 7 oktober, waarbij 1300 personen vermoord, verkracht en onthoofd zijn, puur en enkel omdat ze joods waren.


Ik heb het over het Jodenbosch, hier in Apeldoorn, 81 jaar geleden, in de ochtend van 22 januari werden haar inwoners op transport gezet, puur en enkel omdat ze joods waren, naar een aller donkerste plek om nooit meer terug te keren...


“We lieten het over ons heen komen, maar wisten wel dat het heel gevaarlijk was” aldus de bijna profetische woorden van de zoon van de koosjere slager in Apeldoorn. Toen het nietjoodse personeel verboden werd om voor Joden te werken, werden zijn zusjes verpleegsters en hijzelf huisknecht hier in het Apeldoornsche Bosch. “We lieten het over ons heen komen, maar wisten wel dat het heel gevaarlijk was.”


Ik sta voor u als derde generatie Jood. Met derde generatie bedoel ik dat ik dacht de trauma’s van de tweede wereldoorlog achter mij te kunnen laten, dat mijn kinderen veilig zouden zijn. Dat de horrorverhalen van de Sjoa, die verhalen die mijn opa en oma mij vertelden, tot het verleden zouden behoren, dat in een moderne wereld een Sjoa nimmer zou kunnen plaatsvinden... De mensen om mij heen, die ik ken, zijn immers allen beschaafd, geleerd; ze zouden zeker opstaan als het slecht ooit weer zou oprukken... En hadden trouwens huns opa’s en oma’s niet aan mijn opa en oma beloofd “Nie wieder, nooit meer!” “We lieten het over ons heen komen, maar wisten wel dat het heel gevaarlijk was”.

Ik ben tegen antisemitisme-bestrijding. Antisemitisme is immers slechts een symptoom, en het bestrijden van alleen een symptoom heeft weinig zin. Antisemitisme is een teken van van een dieperliggend probleem. Een samenleving waar antisemitisme en elke andere vorm van discriminatie kan aarden zal ontsporen... een samenleving waar men de eigen tekortkomingen niet onder ogen durft te zien en een zondebok zoekt om daar de schuld van alle problemen op af te schuiven, is bedorven top op het bot. “We lieten het over ons heen komen, maar wisten wel dat het heel gevaarlijk was”.


Jarenlang is er geroepen dat antisemitisme een probleem was van de straatjochies... ze hadden onvoldoende onderwijs... onvoldoende kansen... ze werden onderdrukt... eigen problematiek waardoor er geen oog was voor de leed van de ander... Maar deze analyse is te makkelijk... het virus van haat steekt haar kop weer op, ook en misschien zelfs juist, in de zogenaamde bovenste lagen van onze maatschappij. Voortbordurend op de woorden van de zoon van de koosjere slager in Apeldoorn sluit ik af met de hoop: “We laten het deze keer niet over ons heen komen, omdat we weten dat het heel gevaarlijk is”.


Ik stop over het heden. Wij zijn hier vandaag bijeen om te herdenken, de bewoners van het Apeldoornsche Bosch en de pupillen van Achisomog.


Voor hen spreken wij nu uit het jizkorgebed.



Yanki Jacobs, rabbijn | 22 januari 2024 | Apeldoorn, Nederland

Foto Rob Voss

390 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven
bottom of page